Friday, March 28, 2008
Tuesday, November 23, 2004
LANGERHUIZEN, LAMBERT & PIETER
________________________________
EIGENAREN VAN HET LANDGOED CRAILO
Crailo de geschiedenis van een landgoed. door Mevr. A.P. Kooyman
-van Rossum en Ir. D.F. Winnen (zie Bronnen 1)
_____________________________________
MILITAIRE OEFENING IN EN ROND VESTING NAARDEN EN DE INGEZONDEN BRIEF VAN PIETER LANGERHUIZEN.
______________________________________________________________
Gooi en Eemlander, Zaterdag 12 September 1885
Laren 10 September.
Zondag j.l. was een der drukste dagen, die men hier gedurende de militaire
manoeuvres gehad heeft. Dien dag n.l. werd de kapel van het 7e de regiment,
onder directie van den heer Sonnemann, op het Paviljoen Larenberg eene
matinee musicale gegeven. De toejuichingen van de vele toehoorders bewezen,
hoe en de directeur en de leden der kapel zich van hun taak kweten.
's Avonds zes uur werd door genoemde kapel een concert
gegeven op het aangenaam gelegen terrein van het bekende Hotel
Hamdorff ter eere van den kolonel Hardenberg, die gedurende de
krijgsoefeningen aldaar zijn verblijf had genomen.
Vele officieren, zoowel uit het kamp als uit de vesting,
waren door den kolonel genoodigd. Ook de generaal kwam het
feest met zijne tegenwoordigheid vereeren. Onder luide en
herhaalde hoera's werd Zijn Hoog Ed. Gestr. ontvangen. Vele
familien van Laren en de naburige gemeenten waren van de
uitstekende muziek komen genieten.
______________________________________________________________
Gooi en Eemlander, Zaterdag 12 September 1885
Heden gaat een groot deel van de troepen naar het garnizoen
terug, terwijl de overige morgen volgen. Met het opruimen is
onmiddellijk een begin gemaakt, daartoe blijft o.a. een compagnie
genietroepen, onder de bevelen van den kapitein Baron van Til,
achter. Ten slotte deelen wij hier de dagorder mede, aan de troepen
bij de parade voorgelezen:
DAGORDER
Bij het eindigen der gehouden oefening in den vesting-oorlog is het mij
eene aangename taak aan allen die daaraan deel genomen hebben, mijne
tevredenheid te kunnen betuigen voor den daarbij betoonden loffelijken ijver,
de krijgstucht en het flink militair optreden der troepen.
Deze jaarlijks terugkeerende oefening, die alleen door het
trotseeren van veel vermoeienis en met inspanning van alle
krachten kunnen worden opgelost.
Opnieuw is bewezen, dat men van den Nederlandsche soldaat
veel verwachten mag.
Moge de opgedane ondervinding ons ten goede komen, ook dan,
wanneer in de ure van gevaar de belangen moeten verdedigd
worden van Nederland en Oranje !
LEVE DE KONING
Hoofdkwartier der Nieuwe Hollandsche Waterlinie, Leider der
oefeningen in den vesting©oorlog.
(get.) Van der Beek
_____________________________________________________________
Gooi en Eemlander, Zaterdag 19 September 1885
INGEZONDEN
EEN TERUGBLIK EN EEN ERNSTIGE WENSCH.
Het Gooi is weer hersteld in zijn lieflijke gedaante, de
rust is teruggekeerd en in- en opgezetenen kunnen genieten
van de heerlijke natuur, de belastingschuldigen hebben kunnen
zien en hooren waar hunne penningen blijven, hoe in korten
tijd met veel geraas en geknal, zonder schitterend vuurwerk,
veel onnut in rook is omgezet, - het kinderspel is afgespeeld.
Arm Nederland indien het op dien weg voortgaat, indien
onzen Volksvertegenwoordiging, die hooge magt in onzen staat,
niet de gelden aan den minister van oorlog weigert en dat
budget slechts zoodanig goedkeurt om het in staat te stellen
hulp te kunnen verleenen als buitengewoon politiezorg; arme
manschappen die met veel opofferingen, een betere zaak waardig,
waarlijk hier geen aangename dagen hebben doorgebragt en
als flinke boerenzoon of handswerkman meer nut aan den staat
kunnen toebrengen.
Over eenige jaren zal Europa het groote eeuwfeest herdenken
dat van Frankrijk uitgegaan zich spoedig overal verspreid
heeft, waarvan wij kinderen der 19e eeuw de heilrijke vruchten
plukken, waarbij het volk meer tot zijn regt is gekomen,
waardoor de geest van het individo vrij van knellende banden
de verbazende vooruitgang op wetenschappelijk gebied heeft
bewerkt, waardoor Communicatien met naburige landen hersteld
en gemakkelijk zijn gemaakt, personen elkander hebben leeren
begrijpen en waardeeren. Welnu laten wij de wensch uitspreken
dat de volgende eeuw ons zal wegleggen een andere heerlijke
gebeurtenis, een einde te maken aan den geesel, den kanker
onzer hedendaagsche maatschappij, namelijk dat het onnutte,
geldverspillende, tot oorlog uittartende militarisme worde
afgeschaft, opdat de volken in vrede met elkander mogen leven,
de zin van de woorden Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap
waarheid worde, het menschelijk vernuft door de werken des
vredes overal nut kunne stichten en men groot en magtig zij
door de geestesgave van een eensgezinde bevolking op dezen
kleinen wereldbol van het groot heelal.
Dankbaar voor de opname heb ik de eer te zijn:
Uwen Dw. Dienaar
P. Langerhuizen Lzn.
Oud Burgemeester, Oud Lid der Staten van Noord-Holland.
Crailoo, onder Huizen 13 Sept. 1885.
______________________________________________________________
Commentaar F.J.J. de Gooijer op het ingezonden bericht van Pieter Langerhuizen:
Bij het lezen ervan springen de tranen in de ogen. Langerhuizen was echter, net als veel Nederlanders, geen echte PACIFIST, maar een OPPORTUNIST. Langerhuizen werd door het Min. van Oorlog gedwarsboomd in zijn ondernemerschap. Hij was een van de PROJECTONTWIKKELAARS, die einde negentiende-eeuw in het arme Gooiland grote winsten wisten te maken. Langerhuizen had zijn oog laten vallen op 'bouwterreinen' die toevallig lagen binnen de Verboden Kringen van Vesting Naarden. De 'fortjes' in het buitengebied van Naarden gooiden vooral roet in zijn luxe eten. (zie Bronnen 2, 3 : Gooische Villaparken )
Langerhuizen was verre van een mensenvriend. Uit wraakzucht daagde hij protesterende erfgooiers langdurig voor het gerecht. ( zie Bronnen 4 )
___________________________________
Bronnen:
1) Crailo de geschiedenis van een landgoed. door Mevr. A.P. Kooyman-van Rossum (Huizen) en Ir. D.F. Winnen (Laren) - uitgave 1986. Deze geschiedenis is eerder gepubliceerd in het gezamelijke tijdschrift 'Vrienden van het Gooi' en 'Tussen Vecht en Eem' - 4e jrg. nr. 3 en 4 - 1986.
2) GOOISCHE VILLAPARKEN. Ontwikkeling van het buitenwonen in het Gooi tussen 1874 en 1940. Uitg. Schuyt & Co. Haarlem 1990.
P 60: De bouw van een nieuwe batterij (fortje) zou door de daarom-heen liggende 'Verboden Kringen' een belangrijk deel van Het Spiegel voor villabouw ongeschikt of minder geschikt maken en, zoals burgemeester P. Langerhuizen meedeelde, reeds gekochte grond en gebouwde villa's sterk in waarde doen dalen en de 'bloei' van de gemeente (Bussum) verstoren. De batterij werd uiteindelijk niet bij Het Spiegel geplaatst.
3) MAATSCHAPPIJ TOT EXPLOITATIE VAN BOUWTERREINEN CRAILOO
4) AUTORITEITEN TEGEN ERFGOOIERS . door Ranitz, J.A. de - uitg. Gebr. Belinfante 1906 's Gravehage .
-- Rechtzaak aangespannen door P. Langerhuizen tegen protesterende erfgooiers. Langerhuizen had op de een of andere wijze grond van de erfgooiersgemeenschap in handen gekregen. Protesten tegen het eigenmachtig optreden van de Gooise burgemeesters hebben geleid tot het aannemen van de Erfgooierswet van 1912. Ook uit andere, mondeling overgeleverde, bronnen komt zowel Lambert als Pieter Langerhuizen voor als niet bepaald meelevend en sociaal voelend. Zie: PROCES LANGERHUIZEN TEGEN DE ERFGOOIERS
____________________________________________
PROCES LANGERHUIZEN TEGEN DE ERFGOOIERS.
Authoriteiten tegen de Erfgooiers
RANITZ. J.A. DE
3
Eene bijdrage tot den tegenwoordige stand van het erfgooiers vraagstuk
Het moet helaas worden erkend dat de strijd, die reeds vele jaren in het Gooi
door de erfgooiers gevoerd wordt, in dezen laatste tijd niet verminderd. Wel
duiken telkens geruchten op dat door een compromis de veeten tusschen de
partijen de opponeerende erfgooiers eenerzijds en het bestuur der erfgooiers
genaamd ‘Stad En Lande’ (1) ander
(1)
Tegenwoordig hebt, volgens een door de erfgooiers niet erkend regelement van
orde, der 27 Februari 1890 door ‘Stad en Lande’ zelve gemaakt, daarin heeft
zitting: de burgemeesters van N, B, L, Hui, Hil en Bussum, benevens twee
gecommiteerden en twee meentmeesters uit elke gemeente. Alleen de burgemeesters
stemmen.
4
zjjds, zouden worden beëindigd, zelfs zijn daarover herhaaldelijk
onderhandelingen. gevoerd, maar tenslotte springen steeds die onderhandelingen
af en staan de partijen weer even fel tegenover elkander als vroeger.
Het schijnt zelfs alsof de strijd scherper wordt.
Met onverstoorbare regelmaat worden elk jaar in de Meimaand ter gelegenheid van
de zoogenaamde schaardagen op de meent de bekende tooneelen afgespeeld. Vele
erfgooiers trachten dan ongebrand vee op de meent te brengen, maar worden daarin
verhinderd door ,,Stad en Lande", hetwelk het vee uit de weide weert.
Ook buiten die schaardagen hebben merkwaardige gebeurtenissen plaats. Erfgooiers
hebben aan “ Stad en Lande" de gehoorzaamheid opgezegd; hekken door "Stad en
Lande" geplaatst, hebben zij verbroken ; gejaagd op jachtveld door ,, Stad en
Lande" verpacht, boomen gehakt uit een bosch door , ”Stad en Lande" verkocht,
enz. enz.
Er is nog lang geen vrede in het Gooi.
Eigenaardig is de houding, die door de autoriteiten daartegen wordt aangenomen.
De erfgooiers en vooral zij, die aan de beweging deelnemen, worden door haar met
“Schaarbrieven”: onderlinge overeenkomsten of reglementen, waarin de
gebruiksrechten der erfgooiers zijn omschreven.
“Branden.” Het vee enz. wordt “gebrand” ten teeken dat aan de verplichtingen is
voldaan.
“Meent” Daaronder wordt de weide verstaan.
5
eenige voorliefde beschouwd als eene oppositie, tegen wie het geoorloofd is de
meest krasse maatregelen te nemen. De regeering gaat daarin voor door goed te
vinden, dat telken jare in Mei een belangrijk contingent Rijksveldwachters naar
de Meent gezonden wordt ter bijstand van “Stad en Lande" 1) Vroeger zijn zelfs
soldaten daartoe gerequireerd. Rijksveldwacht en soldaten helpen "Stad en Lande"
om de hekken te bewaken, om te verhinderen dat de opposanten met hun vee op
de meent komen of om, als dit reeds geschied is, het vee op te drijven en weg te jagen.
Het heet dat op die wijze door de burgemeesters, die tevens bestuurslid van
“Stad en Lande" zijn , de orde moet worden gehandhaafd; jammer genoeg schijnt
die handhaving niet altijd te kunnen geschieden zonder dat slagen worden
uitgedeeld; eenmaal is een erfgooier, die zijn paard op de meent bracht, door
een de orde handhavenden soldaat doodgeschoten 2)
____________________________
1) Zie mededeeling Algemeen Handelsblad van 24 April1906. Ochtendblad le blad.
a) Gisteren is te Naarden aangekomen eene versterking van 20 Rijksveldswachters
om dienst te doen bij de scharing van vee op de weiden van ‘Stad en Lande van
Gooijand (Sic!) op 4 en 12 Mei a..s.
2) Dit feit had plaats in den nacht van 30 April op I Mei 1903.
Doodgeschoten werd Hendrik Smit. Zijn vader Christiaan Smit verzoekt den
Officier van Justitie bij de Rechtbank te Amsterdam om de daders op te sporen en
te vervolgen.
Op 45 Februari 1904 werd geantwoord dat een ingesteld onderzoek geen grond had
opgeleverd tot eenige strafvervolging.
Schril is de tegenstelling van die niet-vervolging en de vervolging en
veroordeeling van de vijf erfgooiers, die hierna zal worden behandeld.
6
Het is moge1ijk dat in de instructie, die de Rijksveldwacht jaarlijks ontvangt,
aan haar niet de taak wordt opgelegd om ,, Stad en Lande" behulpzaam te zijn.
Maar dat hulp aan ,, Stad en Lande" inderdaad haar taak is, b1ijkt het beste uit
het antwoord van de Regeering op eene door het hoofdbestuur der Gerechtigden tot
de gemeene Heiden en Weiden van Gooiland (ook wel ,,nieuwe partij" genoemd) aan
de Tweede Kamer ingediend verzoekschrift, waarin dat nieuwe bestuur het optreden
der politie onrechtmatig en doelloos noemde en verzocht, dat daaraan een einde
zoude worden gemaakt.
De Regeering antwoordde daarop dat het optreden der politie volkomen en reg1e
was. In hare aan de Tweede Kamer deswege gerichte nota 1) geeft zij eene korte
uiteenzetting van de erfgooiers - quaestie zelf en komt daarin tot de conclusie
dat, nu de vergadering van ,, Stad en Lande" feitelijk het beheer bezit over de
gemeene gronden, de oppositie slechts door eene rechterlijke uitspraak uit te
lokken haar van. dat beheer kan doen ontzetten en het anders behoort te
eerbiedigen. Naar de voorstelling der Regeering voeren eenige afzonderlijke
erfgooiers, vereenigd ter behartiging van hunne belangen, doch zonder eenigen
wettelijken grondslag, oppositie tegen het geheel, waarvan zij deel uitmaken.
Die oppositie wordt gevoerd door middelen, die in een
1) Bijlagen Handelingen i905-.i906, no.175, i, 2.
De nota wordt hierachter als bijlage gevoegd
7
rechtsstaat niet mogen worden geduld, wijl zij kunnen leiden tot wanorde en
geweld. Wil men oppositie voeren, dan moet men den weg in rechten
bewandelen 1) Op dat zelfde standpunt schijnt zich in den laatsten tijd de
Strafrechter te plaatsen.
Bij arrest van het Hof van Arnhem van 4 Januari 1906 werden twee arbeiders en
drie landbouwers, allen erfgooiers, tot eene gevangenisstraf veroordeeld van
drie dagen wegens diefstal van boomen op een terrein, dat door ,,Stad en Lande"
van Gooiand met zekeren Heer LANGERHUIZEN geruild was en door dezen later in
eene Bouwmaatschappij, ten doel hebbende exploitatie van bouwterreinen en
genaamd ,' CRAILOO", was ingebracht.
De vijf erfgooiers hadden op 13 Maart 1903 eenige op dat terrein op stam staande
hoomen omgehakt en zich toegeëigend, maar voerden in het strafgeding, dat door
het O.M. wegens die daad. tegen hen werd ingesteld, dit verweer, dat zij als
erfgooiers gerechtigd waren op erfgooiersgronden boomen te hakken, dat de
vervreemding van den bewusten grond door ,,Stad en Lande" ongeoorloofd was, m.
a. w. dat de overigens formeel geldige rechtstitel van eigendomsovergang
afkomstig was van iemand, die niet gerechtigd was over den eigendom te
beschikken, weshalve hun daad was ter goeder trouw, een protest tegen de ver
1) De voorgaande zinnen zijn woordelijk overgenomen uit een hoofdartikel van het
W. V. h. R. van 43 Juni 4906, No.8378, “ Een vraag voor politierechtD. Zij zijn
het resume', hetwelk het hoofdartikel van de regeeringsnota geeft.
8
vreemding, eene stoornis, die in het burgerlijk recht is toegelaten en dus niet
strafbaar was.
Maar het Hof van Arnhem was het daarmee geheel oneens. Er is, aldus
argumenteerde het Hof, nimmer eene revindicatie tegen het bezit van LANGERHUIZEN
of “CRAILOO ” aangespannen, mitsdien moet “CRAILOO” als eigenaar van den grond,
die voor de ruiling erfgooiers grond was, en ook de daarop staande boomen worden
aangemerkt
________________________
62
Bijlage B
HOOGE RAAD DER NEDERLANDEN
___________________
KAMER VAN STRAFZAKEN
_____________
Zitting van den 12 Juni 1906
Voorzitter , Mr. A. A. DE PINTO
Raadsheeren, Mrs. S. M. S. DE RANITZ, A. TELDERS, A. P. L. NELISSEN, A. M. B.
HANLO, W. J. KARSTEN en S. GRATEMA.
1e J.M. , oud 52 jaren, geboren te Laren;
2e H.V. , oud 61 jaren, geboren te Blaricum, arbeider
3e W. de G. , oud 42 jaren, geboren te Laren, landbouwer
4e oud 53 jaren , geboren te Laren, landbouwer ,
allen wonende te Laren, zijn requiranten van cassatie tegen een arrest van het
Gerechtshof te Arnhem van den 4 Jan. 1906 (1), waarbij, ingevolge het arrest van
den Hoogen Raad der Nederlanden van 25 April 1906 (2), bij welk arrest werd
vernietigd het den 12 Oct. 1904 door het Gerechtshof te Amsterdam in deze zaak
vervatte vrijspraak en de daarin uitgesproken vernietiging van het door de
Arrond. Rechtbank gewezen vonnis (4), en de zaakwerd verwezen naar het
_________________
W. 8330. 2) W.8212. 3) W. 8200. 4) Mede in W. 8200
63
eerstgemelde Gerechtshof, ten einde op het bestaande hooger beroep te worden
berecht en afgedaan, -- de requiranten met nog een mede -beklaagde, weren
schuldig verklaard aan diefstal, door meer dan twee vereenigde personen, en met
toepassing der art. 310, 311 aanhef en onder 4 Strafr., veroordeeld ieder tot
een gevangenisstraf van 3 dagen, zulks wat dien mede -beklaagde betreft bij
verstek, met bevel tot teruggave van de overtuigingsstukken aan de Maatschappij
tot exploitatie van bouwterreinen “Crailo” te Bussum.
De Hooge Raad enz. ;
Gelet op de middelen van cassatie, namens de requiranten voorgesteld bij
pleidooi:
I . Schending, immers verkeerde toepassing van de art. 143 , 211 en 221 Strafv.,
310 Stafr., 584, 625, 626, 639, 604, 605, 1690, 1697 B.W., omdat tegenover de
beklaagden, die, zeggende erfgooiers te zijn, het recht van “Stad en Lande” tot
vervreemding van litigieuze boomen enden erfgooiersgrond hebben betwist, de
telastenlegging niet bewezen is dat het hout toebehoorde aan “Crailo”, omdat
daarop geen eigendomsovergang heeft plaats gehad en het aan het bezit al of niet
ter goeder trouw ontleende recht daarvoor in de plaats kan treden en wat betreft
een ander dan de beklaagden, omdat het Hof subsidiair mogelijk acht dat grond en
boomen behoorden aan de gemeenschap, waarin de beklaagden voor eenzeer
bescheiden deel gerechtigd waren en dat deze op grond en boomen voor hun aandeel
hun recht konden uitoefenen;
Schending II Schending, immers verkeerde toepassing van de artt., 177, 211 en
221, 398 Strafv., 310 Strafr., 575, 582, 584, 1690 en 1697 B.W.,
__________________________________________________________
Opmerking FdG:
Vrijdag 03.08.2001 gecontroleerd de namen van het proces van 12 Juni 1906
( 1) J.M. oud 52 jaar geb. en wonende in Laren , landbouwer ( geb. ca. 1854)
Mogelijk Jaap Majoor
( 2) H.V. oud 61 jaar geb. In Blaricum. Woonde in 1906 in Laren en was
arbeider.. Is zeer waarschijnlijk: Harmanus Vos geb. 21.02.1844 zoon van
Gerrardus Harmse Vos en Johanna Beek.
( 3) W. de G. 42 jaar geb. en wonende te Laren, landbouwer. Mogelijk Willem de
Graaf geb. ca. 1864
( 4) L. de W. 53 of 58 jaar geb. en wonende te Laren. Geb. ca. 1853 of 1849.
Mogelijk Lambertus de Wit.
(nr. 1, 3 en 4 niet te vinden in de stambomen van Laren, Blaricum, Bussum of
Hilversum.
Nr. 2 gevonden in gegevens van Hist. Kring Blaricum , maat ook in de stambomen
van Stad en Lande uit de jaren dertig)
Wel gevonden, maar klopt niet met 1906:
Willem Klaasz de Graaf geb. Laren 25.02.1837. zie erfgooierslijst 1886 te
Blaricum.
______________________
70
aanspraak wordt gemaakt, door het Hof reecht is gequalificeerd als “ongehoord”,
en met juistheid wordt aangenomen, dat de feiten waarop de requiranten zich
daarvoor hebben beroepen allerminst een zoodanig recht kunnen staven, en dit te
minder waar tal van getuigen het bestaan van een dergelijk recht hebben ontkend;
O., dat dit te meer klemt, als men bedenkt dat een recht van houthak, zoals de
requiranten beweerd, zich alleen laat denken in een tijd dat overal nog bosschen
in dergelijke mate voorhanden zijn, dat de uitoefening er van de vervulling van
ieders behoefte niet onmogelijk maakt; dat zoodanige toestanden echter in het
verleden liggen, dat de requiranten redelijkerwijze zich daarop niet beroepen
kunnen; dat de geschiedenis der marken dan ook juist aantoont den overgang van
een op den duur onhoudbaar stelsel van bandeloosheid tot een, waarbij door
gebruik en gewoonte vaste regelen voor de uitoefening van het recht van houthak
worden aangegeven, welke dikwijls later op schrift worden gebracht; dat het niet
anders is geweest in het Gooi, daar toch historisch vaststaat dat voor het
gebruik en het genot daarvan, bepaaldelijk voor het hakken van boomen in het
Gooiersbosch, bepaalde regelen golden, waarvan enkele wel niet
in de schaarbrieven van dien tijd, maar dan toch in andere rechtsbronnen zijn te
vinden, terwijl klaarblijkelijk bij het opmaken der schaarbrieven in lateren
tijd, na de tenietgang van het Gooiersbosch, de behoefte aan het vastleggen van
die regelen in schriftelijken vorm zich niet in genoegzame mate deed gevoelen;
O., dat waar dus enkel de bewering van de requiranten overblijft, terwijl hun
oogmerk tot toeëigening van de omgehakte boomen, meer bepaald van het daarvan
gekomen hout,
71
vastaat, en hunne handelingen bij het wegnemen en vervoeren van het hout op
bewustheid van onrechtmatigheid wijzen, uit die handelingen terecht door het Hof
tot het bestaan van het oogmerk voor wederrechtelijke toeeigening is
geconcludeerd;
________________________
RANITZ, J.A. DE : Authoriteiten tegen Erfgooiers Stad en Lande Archief inv. Nr.
S&L 87
Blz. 3 t/m 11 en 63 en 66 t/m 71
___________________________
OPMERKING FdG:
AUTORITEIT & ERFGOOIER ..doc --- 01.08.2001
Langerhuizen is burgemeester geweest van Bussum en Huizen. Hij was ook
parlementslid geweest. Hij had in hoge kringen zeer veel relaties. ‘De
grondruil’ met het ‘onwettige bestuur van Stad en Lande’ was omstreden. (op z’n
zachts gezegd) Alleen de burgemeesters hadden tot de erfgooierswet van 1912 het
voor het zeggen in het bestuur. Langerhuizen was zeer rijk en hypocriet. Hij was
ant-militarist, maar liet wel toe dat militairen in 1903 een onschuldige jongen
doodschoten om zijn beleid en dat van de andere burgemeesters te verdedigen
tegenover de onmachtige erfgooiers. Langerhuizen was geen burgemeester meer in
1903, maar had wel de toon gezet en dus verantwoordelijk voor het beleid. In
1918 is hij overleden aan de gevolgen van een (enkele jaren tevoren) gepleegde
gewelddadige overval. Deze zaak is nooit opgehelderd.
(In de Gooi en Eemlander is enkele jaren geleden nog een artikel over deze zaak
verschenen. )
___________________________________
F.J.J. de Gooijer
_________________________________
autoriteiten-tegen-erfgooiers.blogspot.com
http://gooijer.nl.jouwpagina.nl
Voor afbeeldingen en foto's, zie:
http://gooiland.vijftigplusser.com
____________________________________________________________
EIGENAREN VAN HET LANDGOED CRAILO
Crailo de geschiedenis van een landgoed. door Mevr. A.P. Kooyman
-van Rossum en Ir. D.F. Winnen (zie Bronnen 1)
_____________________________________
MILITAIRE OEFENING IN EN ROND VESTING NAARDEN EN DE INGEZONDEN BRIEF VAN PIETER LANGERHUIZEN.
______________________________________________________________
Gooi en Eemlander, Zaterdag 12 September 1885
Laren 10 September.
Zondag j.l. was een der drukste dagen, die men hier gedurende de militaire
manoeuvres gehad heeft. Dien dag n.l. werd de kapel van het 7e de regiment,
onder directie van den heer Sonnemann, op het Paviljoen Larenberg eene
matinee musicale gegeven. De toejuichingen van de vele toehoorders bewezen,
hoe en de directeur en de leden der kapel zich van hun taak kweten.
's Avonds zes uur werd door genoemde kapel een concert
gegeven op het aangenaam gelegen terrein van het bekende Hotel
Hamdorff ter eere van den kolonel Hardenberg, die gedurende de
krijgsoefeningen aldaar zijn verblijf had genomen.
Vele officieren, zoowel uit het kamp als uit de vesting,
waren door den kolonel genoodigd. Ook de generaal kwam het
feest met zijne tegenwoordigheid vereeren. Onder luide en
herhaalde hoera's werd Zijn Hoog Ed. Gestr. ontvangen. Vele
familien van Laren en de naburige gemeenten waren van de
uitstekende muziek komen genieten.
______________________________________________________________
Gooi en Eemlander, Zaterdag 12 September 1885
Heden gaat een groot deel van de troepen naar het garnizoen
terug, terwijl de overige morgen volgen. Met het opruimen is
onmiddellijk een begin gemaakt, daartoe blijft o.a. een compagnie
genietroepen, onder de bevelen van den kapitein Baron van Til,
achter. Ten slotte deelen wij hier de dagorder mede, aan de troepen
bij de parade voorgelezen:
DAGORDER
Bij het eindigen der gehouden oefening in den vesting-oorlog is het mij
eene aangename taak aan allen die daaraan deel genomen hebben, mijne
tevredenheid te kunnen betuigen voor den daarbij betoonden loffelijken ijver,
de krijgstucht en het flink militair optreden der troepen.
Deze jaarlijks terugkeerende oefening, die alleen door het
trotseeren van veel vermoeienis en met inspanning van alle
krachten kunnen worden opgelost.
Opnieuw is bewezen, dat men van den Nederlandsche soldaat
veel verwachten mag.
Moge de opgedane ondervinding ons ten goede komen, ook dan,
wanneer in de ure van gevaar de belangen moeten verdedigd
worden van Nederland en Oranje !
LEVE DE KONING
Hoofdkwartier der Nieuwe Hollandsche Waterlinie, Leider der
oefeningen in den vesting©oorlog.
(get.) Van der Beek
_____________________________________________________________
Gooi en Eemlander, Zaterdag 19 September 1885
INGEZONDEN
EEN TERUGBLIK EN EEN ERNSTIGE WENSCH.
Het Gooi is weer hersteld in zijn lieflijke gedaante, de
rust is teruggekeerd en in- en opgezetenen kunnen genieten
van de heerlijke natuur, de belastingschuldigen hebben kunnen
zien en hooren waar hunne penningen blijven, hoe in korten
tijd met veel geraas en geknal, zonder schitterend vuurwerk,
veel onnut in rook is omgezet, - het kinderspel is afgespeeld.
Arm Nederland indien het op dien weg voortgaat, indien
onzen Volksvertegenwoordiging, die hooge magt in onzen staat,
niet de gelden aan den minister van oorlog weigert en dat
budget slechts zoodanig goedkeurt om het in staat te stellen
hulp te kunnen verleenen als buitengewoon politiezorg; arme
manschappen die met veel opofferingen, een betere zaak waardig,
waarlijk hier geen aangename dagen hebben doorgebragt en
als flinke boerenzoon of handswerkman meer nut aan den staat
kunnen toebrengen.
Over eenige jaren zal Europa het groote eeuwfeest herdenken
dat van Frankrijk uitgegaan zich spoedig overal verspreid
heeft, waarvan wij kinderen der 19e eeuw de heilrijke vruchten
plukken, waarbij het volk meer tot zijn regt is gekomen,
waardoor de geest van het individo vrij van knellende banden
de verbazende vooruitgang op wetenschappelijk gebied heeft
bewerkt, waardoor Communicatien met naburige landen hersteld
en gemakkelijk zijn gemaakt, personen elkander hebben leeren
begrijpen en waardeeren. Welnu laten wij de wensch uitspreken
dat de volgende eeuw ons zal wegleggen een andere heerlijke
gebeurtenis, een einde te maken aan den geesel, den kanker
onzer hedendaagsche maatschappij, namelijk dat het onnutte,
geldverspillende, tot oorlog uittartende militarisme worde
afgeschaft, opdat de volken in vrede met elkander mogen leven,
de zin van de woorden Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap
waarheid worde, het menschelijk vernuft door de werken des
vredes overal nut kunne stichten en men groot en magtig zij
door de geestesgave van een eensgezinde bevolking op dezen
kleinen wereldbol van het groot heelal.
Dankbaar voor de opname heb ik de eer te zijn:
Uwen Dw. Dienaar
P. Langerhuizen Lzn.
Oud Burgemeester, Oud Lid der Staten van Noord-Holland.
Crailoo, onder Huizen 13 Sept. 1885.
______________________________________________________________
Commentaar F.J.J. de Gooijer op het ingezonden bericht van Pieter Langerhuizen:
Bij het lezen ervan springen de tranen in de ogen. Langerhuizen was echter, net als veel Nederlanders, geen echte PACIFIST, maar een OPPORTUNIST. Langerhuizen werd door het Min. van Oorlog gedwarsboomd in zijn ondernemerschap. Hij was een van de PROJECTONTWIKKELAARS, die einde negentiende-eeuw in het arme Gooiland grote winsten wisten te maken. Langerhuizen had zijn oog laten vallen op 'bouwterreinen' die toevallig lagen binnen de Verboden Kringen van Vesting Naarden. De 'fortjes' in het buitengebied van Naarden gooiden vooral roet in zijn luxe eten. (zie Bronnen 2, 3 : Gooische Villaparken )
Langerhuizen was verre van een mensenvriend. Uit wraakzucht daagde hij protesterende erfgooiers langdurig voor het gerecht. ( zie Bronnen 4 )
___________________________________
Bronnen:
1) Crailo de geschiedenis van een landgoed. door Mevr. A.P. Kooyman-van Rossum (Huizen) en Ir. D.F. Winnen (Laren) - uitgave 1986. Deze geschiedenis is eerder gepubliceerd in het gezamelijke tijdschrift 'Vrienden van het Gooi' en 'Tussen Vecht en Eem' - 4e jrg. nr. 3 en 4 - 1986.
2) GOOISCHE VILLAPARKEN. Ontwikkeling van het buitenwonen in het Gooi tussen 1874 en 1940. Uitg. Schuyt & Co. Haarlem 1990.
P 60: De bouw van een nieuwe batterij (fortje) zou door de daarom-heen liggende 'Verboden Kringen' een belangrijk deel van Het Spiegel voor villabouw ongeschikt of minder geschikt maken en, zoals burgemeester P. Langerhuizen meedeelde, reeds gekochte grond en gebouwde villa's sterk in waarde doen dalen en de 'bloei' van de gemeente (Bussum) verstoren. De batterij werd uiteindelijk niet bij Het Spiegel geplaatst.
3) MAATSCHAPPIJ TOT EXPLOITATIE VAN BOUWTERREINEN CRAILOO
4) AUTORITEITEN TEGEN ERFGOOIERS . door Ranitz, J.A. de - uitg. Gebr. Belinfante 1906 's Gravehage .
-- Rechtzaak aangespannen door P. Langerhuizen tegen protesterende erfgooiers. Langerhuizen had op de een of andere wijze grond van de erfgooiersgemeenschap in handen gekregen. Protesten tegen het eigenmachtig optreden van de Gooise burgemeesters hebben geleid tot het aannemen van de Erfgooierswet van 1912. Ook uit andere, mondeling overgeleverde, bronnen komt zowel Lambert als Pieter Langerhuizen voor als niet bepaald meelevend en sociaal voelend. Zie: PROCES LANGERHUIZEN TEGEN DE ERFGOOIERS
____________________________________________
PROCES LANGERHUIZEN TEGEN DE ERFGOOIERS.
Authoriteiten tegen de Erfgooiers
RANITZ. J.A. DE
3
Eene bijdrage tot den tegenwoordige stand van het erfgooiers vraagstuk
Het moet helaas worden erkend dat de strijd, die reeds vele jaren in het Gooi
door de erfgooiers gevoerd wordt, in dezen laatste tijd niet verminderd. Wel
duiken telkens geruchten op dat door een compromis de veeten tusschen de
partijen de opponeerende erfgooiers eenerzijds en het bestuur der erfgooiers
genaamd ‘Stad En Lande’ (1) ander
(1)
Tegenwoordig hebt, volgens een door de erfgooiers niet erkend regelement van
orde, der 27 Februari 1890 door ‘Stad en Lande’ zelve gemaakt, daarin heeft
zitting: de burgemeesters van N, B, L, Hui, Hil en Bussum, benevens twee
gecommiteerden en twee meentmeesters uit elke gemeente. Alleen de burgemeesters
stemmen.
4
zjjds, zouden worden beëindigd, zelfs zijn daarover herhaaldelijk
onderhandelingen. gevoerd, maar tenslotte springen steeds die onderhandelingen
af en staan de partijen weer even fel tegenover elkander als vroeger.
Het schijnt zelfs alsof de strijd scherper wordt.
Met onverstoorbare regelmaat worden elk jaar in de Meimaand ter gelegenheid van
de zoogenaamde schaardagen op de meent de bekende tooneelen afgespeeld. Vele
erfgooiers trachten dan ongebrand vee op de meent te brengen, maar worden daarin
verhinderd door ,,Stad en Lande", hetwelk het vee uit de weide weert.
Ook buiten die schaardagen hebben merkwaardige gebeurtenissen plaats. Erfgooiers
hebben aan “ Stad en Lande" de gehoorzaamheid opgezegd; hekken door "Stad en
Lande" geplaatst, hebben zij verbroken ; gejaagd op jachtveld door ,, Stad en
Lande" verpacht, boomen gehakt uit een bosch door , ”Stad en Lande" verkocht,
enz. enz.
Er is nog lang geen vrede in het Gooi.
Eigenaardig is de houding, die door de autoriteiten daartegen wordt aangenomen.
De erfgooiers en vooral zij, die aan de beweging deelnemen, worden door haar met
“Schaarbrieven”: onderlinge overeenkomsten of reglementen, waarin de
gebruiksrechten der erfgooiers zijn omschreven.
“Branden.” Het vee enz. wordt “gebrand” ten teeken dat aan de verplichtingen is
voldaan.
“Meent” Daaronder wordt de weide verstaan.
5
eenige voorliefde beschouwd als eene oppositie, tegen wie het geoorloofd is de
meest krasse maatregelen te nemen. De regeering gaat daarin voor door goed te
vinden, dat telken jare in Mei een belangrijk contingent Rijksveldwachters naar
de Meent gezonden wordt ter bijstand van “Stad en Lande" 1) Vroeger zijn zelfs
soldaten daartoe gerequireerd. Rijksveldwacht en soldaten helpen "Stad en Lande"
om de hekken te bewaken, om te verhinderen dat de opposanten met hun vee op
de meent komen of om, als dit reeds geschied is, het vee op te drijven en weg te jagen.
Het heet dat op die wijze door de burgemeesters, die tevens bestuurslid van
“Stad en Lande" zijn , de orde moet worden gehandhaafd; jammer genoeg schijnt
die handhaving niet altijd te kunnen geschieden zonder dat slagen worden
uitgedeeld; eenmaal is een erfgooier, die zijn paard op de meent bracht, door
een de orde handhavenden soldaat doodgeschoten 2)
____________________________
1) Zie mededeeling Algemeen Handelsblad van 24 April1906. Ochtendblad le blad.
a) Gisteren is te Naarden aangekomen eene versterking van 20 Rijksveldswachters
om dienst te doen bij de scharing van vee op de weiden van ‘Stad en Lande van
Gooijand (Sic!) op 4 en 12 Mei a..s.
2) Dit feit had plaats in den nacht van 30 April op I Mei 1903.
Doodgeschoten werd Hendrik Smit. Zijn vader Christiaan Smit verzoekt den
Officier van Justitie bij de Rechtbank te Amsterdam om de daders op te sporen en
te vervolgen.
Op 45 Februari 1904 werd geantwoord dat een ingesteld onderzoek geen grond had
opgeleverd tot eenige strafvervolging.
Schril is de tegenstelling van die niet-vervolging en de vervolging en
veroordeeling van de vijf erfgooiers, die hierna zal worden behandeld.
6
Het is moge1ijk dat in de instructie, die de Rijksveldwacht jaarlijks ontvangt,
aan haar niet de taak wordt opgelegd om ,, Stad en Lande" behulpzaam te zijn.
Maar dat hulp aan ,, Stad en Lande" inderdaad haar taak is, b1ijkt het beste uit
het antwoord van de Regeering op eene door het hoofdbestuur der Gerechtigden tot
de gemeene Heiden en Weiden van Gooiland (ook wel ,,nieuwe partij" genoemd) aan
de Tweede Kamer ingediend verzoekschrift, waarin dat nieuwe bestuur het optreden
der politie onrechtmatig en doelloos noemde en verzocht, dat daaraan een einde
zoude worden gemaakt.
De Regeering antwoordde daarop dat het optreden der politie volkomen en reg1e
was. In hare aan de Tweede Kamer deswege gerichte nota 1) geeft zij eene korte
uiteenzetting van de erfgooiers - quaestie zelf en komt daarin tot de conclusie
dat, nu de vergadering van ,, Stad en Lande" feitelijk het beheer bezit over de
gemeene gronden, de oppositie slechts door eene rechterlijke uitspraak uit te
lokken haar van. dat beheer kan doen ontzetten en het anders behoort te
eerbiedigen. Naar de voorstelling der Regeering voeren eenige afzonderlijke
erfgooiers, vereenigd ter behartiging van hunne belangen, doch zonder eenigen
wettelijken grondslag, oppositie tegen het geheel, waarvan zij deel uitmaken.
Die oppositie wordt gevoerd door middelen, die in een
1) Bijlagen Handelingen i905-.i906, no.175, i, 2.
De nota wordt hierachter als bijlage gevoegd
7
rechtsstaat niet mogen worden geduld, wijl zij kunnen leiden tot wanorde en
geweld. Wil men oppositie voeren, dan moet men den weg in rechten
bewandelen 1) Op dat zelfde standpunt schijnt zich in den laatsten tijd de
Strafrechter te plaatsen.
Bij arrest van het Hof van Arnhem van 4 Januari 1906 werden twee arbeiders en
drie landbouwers, allen erfgooiers, tot eene gevangenisstraf veroordeeld van
drie dagen wegens diefstal van boomen op een terrein, dat door ,,Stad en Lande"
van Gooiand met zekeren Heer LANGERHUIZEN geruild was en door dezen later in
eene Bouwmaatschappij, ten doel hebbende exploitatie van bouwterreinen en
genaamd ,' CRAILOO", was ingebracht.
De vijf erfgooiers hadden op 13 Maart 1903 eenige op dat terrein op stam staande
hoomen omgehakt en zich toegeëigend, maar voerden in het strafgeding, dat door
het O.M. wegens die daad. tegen hen werd ingesteld, dit verweer, dat zij als
erfgooiers gerechtigd waren op erfgooiersgronden boomen te hakken, dat de
vervreemding van den bewusten grond door ,,Stad en Lande" ongeoorloofd was, m.
a. w. dat de overigens formeel geldige rechtstitel van eigendomsovergang
afkomstig was van iemand, die niet gerechtigd was over den eigendom te
beschikken, weshalve hun daad was ter goeder trouw, een protest tegen de ver
1) De voorgaande zinnen zijn woordelijk overgenomen uit een hoofdartikel van het
W. V. h. R. van 43 Juni 4906, No.8378, “ Een vraag voor politierechtD. Zij zijn
het resume', hetwelk het hoofdartikel van de regeeringsnota geeft.
8
vreemding, eene stoornis, die in het burgerlijk recht is toegelaten en dus niet
strafbaar was.
Maar het Hof van Arnhem was het daarmee geheel oneens. Er is, aldus
argumenteerde het Hof, nimmer eene revindicatie tegen het bezit van LANGERHUIZEN
of “CRAILOO ” aangespannen, mitsdien moet “CRAILOO” als eigenaar van den grond,
die voor de ruiling erfgooiers grond was, en ook de daarop staande boomen worden
aangemerkt
________________________
62
Bijlage B
HOOGE RAAD DER NEDERLANDEN
___________________
KAMER VAN STRAFZAKEN
_____________
Zitting van den 12 Juni 1906
Voorzitter , Mr. A. A. DE PINTO
Raadsheeren, Mrs. S. M. S. DE RANITZ, A. TELDERS, A. P. L. NELISSEN, A. M. B.
HANLO, W. J. KARSTEN en S. GRATEMA.
1e J.M. , oud 52 jaren, geboren te Laren;
2e H.V. , oud 61 jaren, geboren te Blaricum, arbeider
3e W. de G. , oud 42 jaren, geboren te Laren, landbouwer
4e oud 53 jaren , geboren te Laren, landbouwer ,
allen wonende te Laren, zijn requiranten van cassatie tegen een arrest van het
Gerechtshof te Arnhem van den 4 Jan. 1906 (1), waarbij, ingevolge het arrest van
den Hoogen Raad der Nederlanden van 25 April 1906 (2), bij welk arrest werd
vernietigd het den 12 Oct. 1904 door het Gerechtshof te Amsterdam in deze zaak
vervatte vrijspraak en de daarin uitgesproken vernietiging van het door de
Arrond. Rechtbank gewezen vonnis (4), en de zaakwerd verwezen naar het
_________________
W. 8330. 2) W.8212. 3) W. 8200. 4) Mede in W. 8200
63
eerstgemelde Gerechtshof, ten einde op het bestaande hooger beroep te worden
berecht en afgedaan, -- de requiranten met nog een mede -beklaagde, weren
schuldig verklaard aan diefstal, door meer dan twee vereenigde personen, en met
toepassing der art. 310, 311 aanhef en onder 4 Strafr., veroordeeld ieder tot
een gevangenisstraf van 3 dagen, zulks wat dien mede -beklaagde betreft bij
verstek, met bevel tot teruggave van de overtuigingsstukken aan de Maatschappij
tot exploitatie van bouwterreinen “Crailo” te Bussum.
De Hooge Raad enz. ;
Gelet op de middelen van cassatie, namens de requiranten voorgesteld bij
pleidooi:
I . Schending, immers verkeerde toepassing van de art. 143 , 211 en 221 Strafv.,
310 Stafr., 584, 625, 626, 639, 604, 605, 1690, 1697 B.W., omdat tegenover de
beklaagden, die, zeggende erfgooiers te zijn, het recht van “Stad en Lande” tot
vervreemding van litigieuze boomen enden erfgooiersgrond hebben betwist, de
telastenlegging niet bewezen is dat het hout toebehoorde aan “Crailo”, omdat
daarop geen eigendomsovergang heeft plaats gehad en het aan het bezit al of niet
ter goeder trouw ontleende recht daarvoor in de plaats kan treden en wat betreft
een ander dan de beklaagden, omdat het Hof subsidiair mogelijk acht dat grond en
boomen behoorden aan de gemeenschap, waarin de beklaagden voor eenzeer
bescheiden deel gerechtigd waren en dat deze op grond en boomen voor hun aandeel
hun recht konden uitoefenen;
Schending II Schending, immers verkeerde toepassing van de artt., 177, 211 en
221, 398 Strafv., 310 Strafr., 575, 582, 584, 1690 en 1697 B.W.,
__________________________________________________________
Opmerking FdG:
Vrijdag 03.08.2001 gecontroleerd de namen van het proces van 12 Juni 1906
( 1) J.M. oud 52 jaar geb. en wonende in Laren , landbouwer ( geb. ca. 1854)
Mogelijk Jaap Majoor
( 2) H.V. oud 61 jaar geb. In Blaricum. Woonde in 1906 in Laren en was
arbeider.. Is zeer waarschijnlijk: Harmanus Vos geb. 21.02.1844 zoon van
Gerrardus Harmse Vos en Johanna Beek.
( 3) W. de G. 42 jaar geb. en wonende te Laren, landbouwer. Mogelijk Willem de
Graaf geb. ca. 1864
( 4) L. de W. 53 of 58 jaar geb. en wonende te Laren. Geb. ca. 1853 of 1849.
Mogelijk Lambertus de Wit.
(nr. 1, 3 en 4 niet te vinden in de stambomen van Laren, Blaricum, Bussum of
Hilversum.
Nr. 2 gevonden in gegevens van Hist. Kring Blaricum , maat ook in de stambomen
van Stad en Lande uit de jaren dertig)
Wel gevonden, maar klopt niet met 1906:
Willem Klaasz de Graaf geb. Laren 25.02.1837. zie erfgooierslijst 1886 te
Blaricum.
______________________
70
aanspraak wordt gemaakt, door het Hof reecht is gequalificeerd als “ongehoord”,
en met juistheid wordt aangenomen, dat de feiten waarop de requiranten zich
daarvoor hebben beroepen allerminst een zoodanig recht kunnen staven, en dit te
minder waar tal van getuigen het bestaan van een dergelijk recht hebben ontkend;
O., dat dit te meer klemt, als men bedenkt dat een recht van houthak, zoals de
requiranten beweerd, zich alleen laat denken in een tijd dat overal nog bosschen
in dergelijke mate voorhanden zijn, dat de uitoefening er van de vervulling van
ieders behoefte niet onmogelijk maakt; dat zoodanige toestanden echter in het
verleden liggen, dat de requiranten redelijkerwijze zich daarop niet beroepen
kunnen; dat de geschiedenis der marken dan ook juist aantoont den overgang van
een op den duur onhoudbaar stelsel van bandeloosheid tot een, waarbij door
gebruik en gewoonte vaste regelen voor de uitoefening van het recht van houthak
worden aangegeven, welke dikwijls later op schrift worden gebracht; dat het niet
anders is geweest in het Gooi, daar toch historisch vaststaat dat voor het
gebruik en het genot daarvan, bepaaldelijk voor het hakken van boomen in het
Gooiersbosch, bepaalde regelen golden, waarvan enkele wel niet
in de schaarbrieven van dien tijd, maar dan toch in andere rechtsbronnen zijn te
vinden, terwijl klaarblijkelijk bij het opmaken der schaarbrieven in lateren
tijd, na de tenietgang van het Gooiersbosch, de behoefte aan het vastleggen van
die regelen in schriftelijken vorm zich niet in genoegzame mate deed gevoelen;
O., dat waar dus enkel de bewering van de requiranten overblijft, terwijl hun
oogmerk tot toeëigening van de omgehakte boomen, meer bepaald van het daarvan
gekomen hout,
71
vastaat, en hunne handelingen bij het wegnemen en vervoeren van het hout op
bewustheid van onrechtmatigheid wijzen, uit die handelingen terecht door het Hof
tot het bestaan van het oogmerk voor wederrechtelijke toeeigening is
geconcludeerd;
________________________
RANITZ, J.A. DE : Authoriteiten tegen Erfgooiers Stad en Lande Archief inv. Nr.
S&L 87
Blz. 3 t/m 11 en 63 en 66 t/m 71
___________________________
OPMERKING FdG:
AUTORITEIT & ERFGOOIER ..doc --- 01.08.2001
Langerhuizen is burgemeester geweest van Bussum en Huizen. Hij was ook
parlementslid geweest. Hij had in hoge kringen zeer veel relaties. ‘De
grondruil’ met het ‘onwettige bestuur van Stad en Lande’ was omstreden. (op z’n
zachts gezegd) Alleen de burgemeesters hadden tot de erfgooierswet van 1912 het
voor het zeggen in het bestuur. Langerhuizen was zeer rijk en hypocriet. Hij was
ant-militarist, maar liet wel toe dat militairen in 1903 een onschuldige jongen
doodschoten om zijn beleid en dat van de andere burgemeesters te verdedigen
tegenover de onmachtige erfgooiers. Langerhuizen was geen burgemeester meer in
1903, maar had wel de toon gezet en dus verantwoordelijk voor het beleid. In
1918 is hij overleden aan de gevolgen van een (enkele jaren tevoren) gepleegde
gewelddadige overval. Deze zaak is nooit opgehelderd.
(In de Gooi en Eemlander is enkele jaren geleden nog een artikel over deze zaak
verschenen. )
___________________________________
F.J.J. de Gooijer
_________________________________
autoriteiten-tegen-erfgooiers.blogspot.com
http://gooijer.nl.jouwpagina.nl
Voor afbeeldingen en foto's, zie:
http://gooiland.vijftigplusser.com
____________________________________________________________
Labels: Gooise geschiedenis

